Je staat in de kledingkast
Je staat in de kledingkast, de jurk van je moeder zacht en een beetje stoffig ruikend tegen je wang, en zo sta je in het donker met je hart hard bonzend, en je houdt je adem in als je iets hoort daarbuiten, alsof er iets sluipt... Ja, daar is iets! Iets zwaars dat kraakt, dat snoeft en snuift, en je sluit je ogen ook al zie je niets, en dan ineens
‘WOOOEEEEHHAAAAAAAAAAAAAHHHHH!!!!!’ staat hij daar, de kastdeur open, zijn ogen groot, zijn mond wijd open - de Hulk, de Hulk heeft je gevonden! En je laat je vallen tussen de schoenen, maar vergeefs, vergeefs, zijn handen grijpen, zijn handen graaien, pakken je vast,
en je gilt, je gilt
en je lacht.